30/03/2015 – Finding my place

Hey hey

We zijn hier nu een kleine 4 dagen in Chili. Tijd voor een korte update. Ik ben allereerst –niet onbelangrijk- goed aangekomen op mijn bestemming. Het meneertje waar ik oorspronkelijk naast zat in het vliegtuig begon wat tegen mij te babbelen en vertelde me dat ik best wel oplet in Santiago. Hij benadrukte me wel zeker 3 keer dat ik geen al te opvallende juwelen mag dragen, dat ik best niet te koop loop met mijn gsm en laptop en dat ik ’s avonds beter niet alleen rondloop. Ik begon toch wat bang te worden, omdat hij het zo vaak herhaalde, maar een gewaarschuwd vrouw is er 3 waard! ;).

Ik heb bij het wachten op de bagage meteen een karretje genomen, want ik kon onmogelijk alles zo meenemen. Ik moest door een controle en nadien stond ik aan de uitgang van de luchthaven.

IMG_6717

Na enkele minuten arriveerde Monica, mijn Chileense mama, om me mee te nemen naar haar appartement. Ze was meteen heel erg lief en vriendelijk. Ik voelde me snel op m’n gemak. Buurvrouw Marta kwam ons oppikken aan de uitgang. Na een half uurtje kwamen we aan bij Monica. Ik was eigenlijk nog helemaal niet moe, ook al was het iets van een 2u ’s nachts Belgische tijd. Bij Monica thuis stond Steffi ons al op te wachten. Zij is een Duits meisje dat hier 5 maanden gewerkt heeft in een wijnbedrijf. Haar laatste dag wilde ze graag bij Monica doorbrengen. Ik douchte me snel leegde mijn zakken een beetje (lees: alles gewoon in de kast proppen) en ging bij Marta, Monica en Steffi aan tafel zitten. Zij vierden mijn komst en Steffi haar vertrek. De eerste pisco sour en Chileense wijn waren een feit.

IMG_6718

Het was super gezellig aan tafel.Steffi was een tof meisje met veel dromen en ideeën. Ik bewonderde haar lef en moed om op haar 31ste een volledige carrièreswitch te maken. Ze werkte eerst in HR, maar omdat ze iets anders wilde kwam ze hier enkele maanden ‘stage’ lopen om meer over wijn te leren. Zo kan ze terug in haar land gemakkelijker aan de slag in de wijnsector. Na ons gesprekje heb ik nog even met Bruno geskypet en dan was het tijd om te gaan slapen want het was dan al iets van een 2 uur ’s nachts Chileense tijd (dus 6u ’s morgens Belgische tijd).

Omdat ik een kamer deel met Laura en zij aan het uitgaan was, heb ik niet zo vast geslapen. Ik was onbewust wat aan het wachten op haar komst, maar omdat voor haar gevaarlijk was om ’s nachts nog alleen naar huis te komen bleef ze bij een vriendin slapen. Na een korte nacht ben ik opgestaan. Ik liep wat verloren en wist niet goed wat te doen. Monica en ik praten Engels en Spaans met elkaar, dus het uitdrukken van wat je exact wil zeggen gaat soms wat moeilijk. Ik miste thuis en Bruno enorm. Praktische de hele dag heb ik moeten huilen. Ik skypete meerdere keren met Bruno en ook mama en papa heb ik gehoord. Het was moeilijk om mijn plekje hier te vinden. Ik ben dan gaan lopen en daarna voelde ik me wel weer beter. Het lopen hier is lastig! Zo warm!!! Het is voorlopig dus maar bij één keer gebleven, maar ik ga het wel verder proberen doen.

IMG_6720

Het uitzicht vanuit het appartement

IMG_6721 IMG_6722 IMG_6723 IMG_6724

Na het lopen hebben Monica en ik wat aan het zwembad gelegen, maar ik vergat mijn ogen in te smeren tegen de zon… Ik hoef je niet te vertellen hoe ik er nadien uitzag… ;). Mijn betraande, verbrande ogen waren geen zicht! Na het zwembad gingen we iets kleins eten in het restaurant van een hotel hier in de buurt en nadien ging ik op mijn eentje el barrio Providencia wat verkennen. Zonder plannetje ben ik maar gewoon wat gaan wandelen tot ik plots zag dat ik vlakbij de straat van mijn stageplaats was. Ik ben ze meteen gaan zoeken en na het wat rond te vragen, vond ik het! JIPPIE!

IMG_6737

Ik besloot om ook nog wat geld af te halen, want het was verschrikkelijk heet en ik kon wel een frisse cola gebruiken. Nadien wandelde ik terug richting appartement. Ik wandelde een blok extra en mijn voeten waren kapot, maar ik genoot er toch van om even op m’n eentje buiten geweest te zijn. Monica maakte thuis een lekkere fruitsla en nadien kroop ik in m’n bedje. De eerste dag hadden we overleefd!

De dag erna was Laura ook weer terug. Ik was blij om haar te zien. Nog eens Nederlands praten, zalig! :p. We hebben uitvoerig kennis gemaakt met elkaar, wat liggen zonnen aan het zwembad waar Chloé (het andere meisje met wie ik stage zal lopen) later ook bij was en nadien zijn we wat gaan eten en gaan drinken.

IMG_6743

Het was super tof en gezellig. Ik voelde me hier al wat beter en ik begon het gevoel te krijgen dat ik hier best wel kan wennen aan het leventje dat ik zal leiden. Uiteraard blijft de heimwee er wel. Ik moet ook nog wat zoeken naar hoe ik het best contact kan houden, maar dat komt met de tijd wel goed.

Vandaag is het mijn eerste stagedag bij FIT. Ik vind het echt super spannend! Wat moet ik aantrekken? Hoe zal het zijn? Wat ga ik moeten doen? Hoe neem ik mijn laptop mee zonder dat ze hier doorhebben dat ik m’n laptop bij me heb? AAAAAAAHHHHH zenuwen! Ik het wel het geluk dat ik er pas om 11.30 uur moet zijn. ZALIG!

Tot later voor meer nieuws!

On my way

28/03/2015

Hola!

Even een kort berichtje typen vanuit het vliegtuig. Enkele dagen geleden wist ik je nog te vertellen dat ik best wel gerust was in mijn buitenlandse trip. Dat klopt ook. Ik heb geprobeerd om zoveel mogelijk tijd door te brengen met mama, papa, Katrijn en Bruno, maar toch kon ik het niet vermijden dat er gisteren (de dag voor mijn vertrek) toch een knagend gevoel de kop op kwam steken.

IMG_6712

IMG_6686

Het was geen angst, maar schrik voor de heimwee die ik zal hebben naar thuis en naar Bruno. Hoe zal alles verlopen? Zal ik hen veel horen? Kan ik wel alleen ‘overleven’ op een 17.5 uur durende reis richting Santiago? Vind ik de juiste gates wel? Hoe zal mijn gastgezin zijn? Ga ik me snel ‘thuis’ voelen?
Allemaal vragen die voorlopig onbeantwoord blijven. We genoten thuis nog van enkele gezellige momenten die voor mij ideaal waren om nadien met een gerust gevoel te vertrekken. Het afscheid ’s morgens in de luchthaven was iets waar ik helemaal niet naar uitkeek. Arg, afscheid nemen… Altijd zo lastig en moeilijk. Na vele traantjes, knuffels en kussen verliet ik mama, papa en Bruno. Zelfs nu op het vliegtuig heb ik het nog lastig. Ik mag niet te veel nadenken, naar foto’s kijken of naar melige muziek luisteren, want dan springen de tranen me weer spontaan in de ogen.

Ondertussen heb ik nog een goed uur te gaan en we zijn in Santiago. De vlucht verliep tot nu toe heel goed, ik had geen enkele moeite met het vinden van de gates en op de vlucht van Madrid naar Santiago zijn er super veel vrije zitjes. Ik heb er dus meteen 2 ingepalmd om mijn verdere reis op door te brengen. Ik kan nu genieten van 3 dekentjes en 3 kussens. Heerlijk! Eigenlijk valt dat alleen vliegen best wel goed mee. Ik heb me goed kunnen bezig houden: een koekje eten, wat drinken, wat denksportspelletjes, muziek luisteren, candy crush op de gsm spelen… Het enige wat ik wel wat mis is eens een praatje slaan. Voor mij zitten er bovendien 4 Russen die kennelijk graag de vlucht al dronken wilden doorbrengen. Na 7 flesjes wijn per persoon gedronken te hebben vond het personeel het welletjes geweest. Na een uurtje of 2 trachtten ze nog eens wat wijn te verkrijgen en ze kregen alweer een flesje. Het stinkt hier nu wel wat naar alcohol, maar het is leefbaar :p.

Straks komt Monica (= een 69 jaar oud vrouwtje die me de komende 10 weken onder haar vleugels neemt) me oppikken. Ik ben al super benieuwd naar hoe alles zal zijn, hopelijk is haar auto niet te klein want mijn 2 koffers moeten er in geraken. Ik geef toe dat ik veeeel te veel kleren mee heb. In Ecuador bestond mijn bagage uit 1 koffer van 13 kg. Nu heb ik 2 koffers van 20 en 22.60 kg mee. Klein verschilletje…
Het is nu nog heel erg warm in Chili, maar de herfst staat voor de deur en aangezien ik niet weet hoe dat daar zal zijn heb ik zowel zomer- als winterkledij mee. We kunnen maar beter goed voorbereid zijn.

Zo, ik ga nog een filmpje op m’n laptop bekijken en daarna zal het wel bijna tijd zijn om te landen.

Tot later!

 

 

And off we go!

24/03/2015

Hé daar! Hier zijn we weer, klaar voor een nieuw avontuur! Over enkele dagen hang ik opnieuw in de lucht richting Zuid-Amerika. Deze keer voelt het anders aan dan de vorige twee keren. Geen idee hoe het komt. Ik voel me heel relaxed en zorgeloos. Met “we zien wel” en “alles komt goed” in het achterhoofd ben ik klaar om te vertrekken. De koffer is nu al deels gevuld met allerlei spulletjes. Ik bof, want –als ik mijn online reservatie goed gelezen heb- mag ik 2 koffers van 23 kg. meenemen… luxe! Mijn besluiteloosheid hoeft me deze keer geen parten te spelen, alles kan mee!
Naast het maken van mijn koffer probeer ik nu ook zoveel mogelijk te genieten van het dagdagelijkse leventje dat ik weldra zal moeten missen. Ik heb nu het ideale excuus om lekker lui te zijn; ik moet toch uitgerust zijn, nietwaar? Aanvullend excuus nummer 2 is dan: ik mag veel eten, want in Chili is het eten misschien niet zo lekker én een extra kilo is daar niet zo erg.

Volgend berichtje zal vanuit Chili zijn.

Hasta pronto!
xoxo Helena

Dag 9: Berat –  Elbasan (tussenhalte) – Pogradec + dag 10 Pogradec – Korça

Oeps, overslapen! We hadden de wekker verkeerd ingesteld, waardoor we onze bus naar Pogradec misten. We kwamen maar laat op gang en gingen meteen naar de busterminal om de eerstvolgende bus te nemen. Omdat het zondag was, waren de uren onregelmatiger en moesten we nog 2,5 uur wachten.  We aten en dronken wat in de bar en wachtten geduldig op de bus naar Elbasan. Meestal heb je geen busterminal maar wacht je gewoon ergens op de weg waar de bus passeert. Als het de bus is die je nodig hebt, doe je teken en stopt hij. Behalve als er politie in de buurt is, want ze mogen niet stoppen op onofficiële ‘haltes’. De bussen komen waarschijnlijk ook van overal ter wereld. We zagen er al enkele waarop stond “geen dienst”. Als de Albanezen het moeilijk hebben om Engels te begrijpen, zal dat wellicht ook zo met het Nederlands zijn. Misschien zijn het afgedankte bussen die hier terecht komen. Na onze rit naar Elbasan wachtten we op zo’n onofficiële plek op de bus, maar we wisten eigenlijk niet wel bus we moesten nemen naar Pogradec. Iets verderop zaten twee werkmannen naar ons te kijken, dus zij waren het ideale aanspreekpunt. Met gebrekkig Engels, wat wijzen naar onze kaart en enkele lichaamsbewegingen later begrepen ze ons en hielden ze de juiste bus voor ons tegen.

DSC_0185 DSC_0186

De busrit verliep goed en ’s avonds kwamen we aan. Het was de eerste keer dat de vrouwen er veel opgemaakter en misschien ook verzorgder uitzagen. Ze hadden hippe kleren aan, hun haren waren mooi gelegd en ze droegen een likje make-up. In het noorden en midden Albanië was dat niet echt het geval. Daar was niemand bezig met mode en maakte het uit niet veel uit of je er al dan niet verzorgd bij liep. Maar hier dus wel. Het was best wel fijn om te kijken naar de mensen die op de zeedijk flaneerden. Daar zat ik dan zonder make-up, Teva’s aan en onfrisse kleren (we moesten dringend nog eens een handwas doen). Ahja, wat maakt het ook uit? Als backpacker heb is het toegestaan om onfris met stinkende kleren en mottige schoenen rond te lopen… toch? 😉 De dag nadien lagen we wat te zonnen aan het Ohridmeer. De zon zat echter wel verstopt achter de wolken, maar de strandstoeletjes waren ideaal voor een dutje. Het Ohridmeer zelf was een teleurstelling. Het meer was mooi helder en het werd omgeven door bergen en rotsen, maar het was een meer zoals er zovele zijn. Geen aanrader dus. Nadien namen we de bus naar Korça om zo onze lange rit naar Gjirokastra wat in te perken. Het was een klein gezellig stadje waar het leuk vertoeven was. We merkten wel dat het zuidelijk gedeelte van Albanië toch niet hetzelfde is als het noordelijk deel. Hier in het zuiden zijn de mensen al meer toeristen gewoon. In het noorden was je overal meer dan welkom en was iedereen ontzettend vriendelijk en hulpvaardig. Ze deden moeite om met je te praten en wanneer dat niet lukte, klampten ze gewoon een jongere aan die dan even tolk kon zijn. Ze waren blij met je komst en oprecht geïnteresseerd in je. In het zuiden ben je gewoon één van de vele toeristen. Ik denk dat ze het toerisme hier niet meer zo fijn vinden. Het is ook zo dat als je zuidelijker gaat je meer toeristen tegenkomt. Hier geldt de regel: hoe zuidelijker (vooral aan de Albanese rivièra), hoe meer toeristen. Hoe noordelijker, hoe minder toeristen. Wat wel vaststaat is dat Albanië zich goed voorbereidt op de groei van het toerisme. Het land is nog volop in ontwikkeling, maar overal leggen ze wegen aan, bouwen ze appartementen, enz. Waarschijnlijk zal het over een 5-tal jaar een ware toeristische trekpleister worden. Wij vinden het alleszins erg fijn dat het nu nog niet zo toeristisch is. Vooral bij het nemen van de bus zijn we bijna altijd de enige toeristen. Soms kijken mensen je aan alsof je van een andere planeet komt. Ook de mannen kijken vrouwelijk schoon onbeschaamd na, iets wat in België toch veel subtieler gebeurt, maar hier zie je ook niet veel meisjes samen op terras zitten. Veel mannen hangen rond op de straat, zitten te terrassen of ze (vooral de oudere mannen dan) spelen wat domino in het park. Allemaal leuk om te zien, maar waar zijn de vrouwen op dat moment? (Ik moet wel zeggen dat dit straatbeeld aan de kuststrook minder van toepassing is.) De mannen zijn ook erg sociaal naar elkaar toe. Op bussen, op terras… waar dan ook praten ze met elkaar zonder elkaar te kennen. Op de bus praten ze soms urenlang, enkel een koffietje met een koekje ontbreekt dan nog. Soms lijkt het alsof ze ruzie maken of hevig discussiëren, maar dat is niet zo. Op zulke momenten zou ik zo graag Albanees willen verstaan om stiekem mee te luisteren.

DSC_0207 DSC_0212 DSC_0223 DSC_0233

Dag 8: Berat

Mmmmmm, we konden eens heerlijk uitslapen. No stress, geen trekzakken die we weer moesten inpakken, geen wekkers die je in de vroege ochtendgloren wekken, geen stinkende bussen zonder airco…. ZALIG! Soms steekt het wel eens tegen om dagelijks de rugzak te moeten maken. We genoten er enorm van om eens lang(er) te slapen. Het is best wel vermoeiend om dagelijks van stad naar stad te hoppen. Het openbaar vervoer hier in Albanië rijdt vrij vroeg in de ochtend, meestal zo rond een uur of 6 à 7 en afhankelijk van de plaats waar je naartoe wil heb je soms maar één bus. De grote bussen zijn de goedkoopste, maar je hebt ook minibussen die iets frequenter in de ochtend rijden. We stonden op ons gemak op en namen de bus richting la kantina Cobo waar we wijn gingen proeven. Oorspronkelijk gingen we naar een andere plek, maar de ober van het restaurant waar we de dag voordien aten beval ons dit aan. We kwamen aan op de het landgoed en een oude man verwelkomde ons. We kregen van zijn zoon een korte rondleiding en nadien mochten we vier wijnen proeven met bijhorende kazen, olijfjes en warme stukje brood met olijfolie. Het smaakte ons. We hebben een flesje wijn gekocht en gingen dan weer naar Berat om ’s middags even te bekomen van de wijn. ’s Avonds wisten we niet goed meer wat gedaan en besloten we om ons verblijf van 3 dagen te herleiden naar 2. We bezochten nog snel het kasteel dat super mooi en groot was. Er bevindt zich nog steeds een dorpje binnen de kasteelmuren. Dat maakte het geheel af. Na een korte en misschien wat te gehaaste bezichtiging, fristen we ons snel op in het hotel. Nadien gingen we dineren met Maarten en Jolien. Het koppel dat we ontmoetten op de bus naar Tethi. Het was een gezellige avond die zo voldaan afgesloten werd.

DSC_0053

DSC_0042

Dag 6: Valbona – Bajram Curri – Fierza – Shkodra + dag 7: Shkodra – Tirana – Berat

Dag 6: Valbona – Bajram Curri – Fierza – Shkodra

Vroeg opstaan is geen uitzondering meer. Om 7u staan we paraat aan ons hotel om de bus te nemen. De bus reed enkel naar Bajram Curri, maar voor ons was dat ideaal, want daar konden we eindelijk geld afhalen. Toen we op de bus zaten bleek dat we eigenlijk niet in Valbona overnachtten, want die vallei bereikten we pas een uurtje later. Achja, we waren veel te moe om nog een uur verder te wandelen tijdens de trekking, dus erg vonden we dat niet. Onderweg werd de jongen naast mij ziek en moest hij overgeven. Toen hij eindelijk verlost werd van zijn misselijkmakende rit had hij mij al voor een deel besmeurd. Ik werd er zelf bijna misselijk van. In Bajram Curri moesten we anderhalf uur wachten op de bus naar Fierza en daar moesten we nog eens 3 uur wachten. Nadien namen we de boot om het Komanimeer te bezichtigen. Het meer was bijzonder mooi, met een waaier aan kleuren van smaragdgroen naar helderblauw. We stopten even voor een frisse duik en op de boot zelf werden we verwend met pannenkoekjes, mmm! Eenmaal in Komani aangekomen, namen we de bus naar Shkodra.

DSC_0528 DSC_0645

DSC_0681

Dag 7: Shkodra – Tirana – Berat

Deze dag hebben we niet veel gedaan. We namen vooral veel bussen waar we redelijk lang op zaten. Op de laatste bus van Tirana naar Berat had Bruno een heimelijke aanbidster. Alhoewel ik het woord heimelijk beter laat vallen. Het 10-jarige meisje week geen minuut van zijn zijde. Ze leek elk minuut op zijn schoot te willen kruipen, want ze stond letterlijk helemaal naast en tegen hem. Je zou kunnen denken dat de bus misschien zo vol zat dat er nergens plaats was, maar er waren overal vrije zitjes, dus dat kon geen reden zijn. Ik was niet echt in een sociale bui, dus ik deed maar alsof ik sliep. Het meisje leerde Engels op school en ze vond het waarschijnlijk heel leuk om haar opgedane kennis eens toe te passen. Bruno mocht het slachtoffer zijn. Ik moet toegeven dat ze het best wel goed kon. Toen ze ons vroeg waar we gingen slapen vertelden we dat we het nog niet wisten, want het laatste wat we wilden was dat ze met haar mama naar hetzelfde hotel ging. Ze somde dan maar zelf enkele hotels op en voor we het wisten had een andere meneer al geregeld dat de bus op de juiste plek voor ons zou stoppen. Het meisje stelde dan ook nog voor om haar mama met ons te laten meegaan naar het hotel, zodat we het zeker zouden vinden. Haar mama sprak, net zoals de meeste Albanezen, geen Engels. Via lichaamstaal en heel wat onverstaanbare woorden, leidde ze ons naar het hotel. Eén klein probleempje: de mama wist het hotel eigenlijk helemaal niet zijn en omdat we bijna geen woord van het Albanees snappen liepen we maar als twee dwaze kippen achter haar aan door doodlopende steegjes. Toen er twee mannen ons zagen sukkelen, namen zij ons mee naar een ander hotel. We kwamen in het hotel Belgrat in de wijk Mangelem terecht. We betaalden er iets meer dan gebruikelijk (€30), maar genoten van een mooie nette kamer. We moesten wel nog wat wachten tot de kamer helemaal in orde was gebracht en in tussentijd werden we getrakteerd op onze allereerste Albanese raki en een dessertje. De raki was nogal straf en niet echt m’n ding, maar het dessertje was lekker. De dochter van de eigenaars had ongeveer mijn  leeftijd en ze studeerde in Turkije voor architect. In Albanië wilde ze niet verder studeren, omdat het niveau van zowel de secundaire scholen als van de hogescholen en universiteiten niet zo hoog ligt. Bovendien verloopt alles ook zo oneerlijk als het maar kan. Om toegelaten te worden en om in aanmerking te komen voor een beurs moet je een toelatingsexamen afleggen. Omdat het meisje echt wel verstandig is, werd zij het ideale middel om de zwakkere kandidaten te helpen… Willen of niet.
Na onze eerste kennismaking met de eigenaars van het hotel maakten we een verkennende wandeling in de stad. We liepen voorbij de Osumirivier die bijna helemaal uitgedroogd was en we vonden een klein katje in het aangrenzende gras. Ik werd er helemaal door vertederd, nam het vast en aaide het wat. We konden het katje, jammer genoeg, niet meenemen, dus ik liet het maar achter in het gras. Enkele jongens voetbalden een eindje verderop en enkelingen hadden het schattige wezentje opgemerkt. Ze gingen er niet al te zachtaardig mee om. Ik had zoveel zin om er naartoe te gaan en om ze eens stevig vast te grijpen, maar we stonden vrij machteloos. Het was echt niet leuk om met die gedachte verder te wandelen. Zelfs nu moet ik nog aan het arme katje denken.
We bezochten nadien het toeristisch bureau, want in onze gids stond vermeld dat we in Berat konden kajakken. Door het mooie zonnige weer, was er te weinig water in de rivier. Kajakken was geen optie meer. We gingen dan maar lekker eten in een nabijgelegen restaurant waar geen elektriciteit was, want de hele stad lag al enkele uren plat. We dronken een flesje wijn en wachtten geduldig op de elektriciteit die maar niet bleek te komen. Uiteindelijk vond de bediening een oplossing en konden we bij kaarslicht toch nog onze hongerige magen stillen.

 

Dag 5: Hiking naar Valbona

Joepie, de trekking naar Valbona was een feit! Bruno en ik aten ons buikje rond. We wilden er kloek op staan om genoeg energie te hebben voor onze trektocht. Via wegmarkeringen gingen we de weg van de vallei Tethi naar de andere vallei Valbona vinden. Het begon al goed toen we de eerste wegmarkeringen nergens vonden. Elke Albanees aan wie we de weg vroegen wees ons gewoon de richting aan. Na talrijke mogelijke routes af te lopen, hadden we door dat we gewoon via de droge rivierbedding naar boven moesten om dan daar ergens markeringen te vinden. Na wat klauteren en klimmen van de ene kant van de bedding naar de andere kant vonden we onze eerste markeringen. YES! We vervolgden onze weg.

DSC_0435

DSC_0443 DSC_0444

Ik was na de eerste klim al kapot en het zag er niet naar uit dat de steile hellingen gauw gedaan gingen zijn. Alle bagage die we meegenomen hadden, moest ook in Valbona geraken. We hadden geen geld voor een gids of een paard dat onze rugzakken kon meenemen, dus alles moest maar door onszelf gebeuren. Arme Bruno moest het bekopen. Hij droeg onze grote, zware trekzak (ong. 15 kg) en ook nog eens onze kleine rugzak omdat ik die niet kon dragen. Hij liep als een volgeladen ezeltje de steile klim op. Ik wilde hem zo graag helpen door de kleine rugzak te dragen, maar zonder geraakte ik al amper boven, dus nog eens een rugzak dragen zou zeker fataal geweest zijn. Bruno sleurde alles mee en ik vond het zo sterk dat hij dit kon. Wat een kanjer! ❤ Na 2 uur hoopten we de top van de bergen bereikt te hebben, maar telkens opnieuw bleven de steile stukken komen. Het was vreselijk! Er waren echt amper vlaktes en ik was het klimmen echt moe. Bruno moest daarbovenop zich steeds verder voort slepen met de hele reeks bagage. Toen we mensen aanspraken die van de andere kant kwamen, gaven ze ons telkens (valse) hoop. Want iedereen zei dat het niet ver meer was of dat we er bijna waren, terwijl we telkens weer nog een heel stuk voor de kiezen hadden. We wisten echter wel dat er in het midden van de trekking een barretje was waar je iets kon drinken. Toen we die bereikten had ik zoveel zin in een frisse cola, maar ons budget liet het niet toe. Dat was echt echt echt vreselijk, want we moesten spaarzaam om gaan met onze enige fles water voor de volledige trekking.  Toen de top eindelijk in zicht was, was ik zo dood dat ik geen moed meer had om het laatste stuk op te klimmen. Na elke 2 minuten ging ik weer doodongelukkig zitten om Bruno te vertellen dat ik het echt niet meer zag zitten en ik dat ik de bergen haatte! Bruno bleef me geduldig motiveren en uiteindelijk lukte het om te top te bereiken. Genieten was moeilijk, want ik was zo kapot.

DSC_0447

DSC_0458

 

We begonnen er aan onze lunch die bestond uit een volledige komkommer en tomaat, wat kaas en droge stukken brood. Niet bepaald het eten waar je naar uitkijkt als je net 4 uur hebt afgezien op de bergbeklimming, maar we hadden de ‘powerfood’ nodig voor de afdaling. De afdaling verliep geweldig. Ik voelde me super vrolijk en goed, want ik wist dat er nu geen beklimmingen meer aankwamen. Op onze afdaling kwamen we niemand tegen en dat was wel leuk. Het was alsof we helemaal alleen in de bergen liepen, zalig! Toen de eerste huizen in zicht waren was het nog een klein uurtje wandelen tot we Valbona bereikten. De bewoners toonden ons weer de richting aan en zonder wegmarkeringen en met een klein, bezorgd hartje liepen we verder in de (gelukkig juiste) richting naar Valbona. Toen we Valbona eindelijk dachten te bereiken, zijn we gewoon het eerste hotel binnengewandeld om daar uit te rusten. We deden ongeveer 8 uur over de trekking met lunchpauze en “ik-zie-het-niet-meer-zitten-pauzes” ingebrepen. Het hotel konden we gelukkig betalen en een klein avondgerechtje kon er ook nog af, joepie! Niet ver van ons hotel lag er een restaurant/hotel waar we een spaghetti  voor slechts 1,10 euro aten. De barman was super vriendelijk en tegen het einde van de avond zaten hij, zijn broer en zijn zus allemaal bij ons aan tafel. Lekker gezellig. Omdat we onder de weg op éénzelfde plek allemaal dode schapen zagen die waarschijnlijk gedood werden door een roedel wolven, vond ik het toch maar eng om in de donkerte door een (mini) stuk bos naar ons hotel te gaan. De barman stelde voor om ons te vergezellen, maar omdat Bruno me wel zou kunnen beschermen, zijn we gewoon met ons tweetjes gegaan. We overleefden onze tocht en gingen moe, maar toch heel voldaan van onze trekking slapen.