Dag 9: Berat –  Elbasan (tussenhalte) – Pogradec + dag 10 Pogradec – Korça

Oeps, overslapen! We hadden de wekker verkeerd ingesteld, waardoor we onze bus naar Pogradec misten. We kwamen maar laat op gang en gingen meteen naar de busterminal om de eerstvolgende bus te nemen. Omdat het zondag was, waren de uren onregelmatiger en moesten we nog 2,5 uur wachten.  We aten en dronken wat in de bar en wachtten geduldig op de bus naar Elbasan. Meestal heb je geen busterminal maar wacht je gewoon ergens op de weg waar de bus passeert. Als het de bus is die je nodig hebt, doe je teken en stopt hij. Behalve als er politie in de buurt is, want ze mogen niet stoppen op onofficiële ‘haltes’. De bussen komen waarschijnlijk ook van overal ter wereld. We zagen er al enkele waarop stond “geen dienst”. Als de Albanezen het moeilijk hebben om Engels te begrijpen, zal dat wellicht ook zo met het Nederlands zijn. Misschien zijn het afgedankte bussen die hier terecht komen. Na onze rit naar Elbasan wachtten we op zo’n onofficiële plek op de bus, maar we wisten eigenlijk niet wel bus we moesten nemen naar Pogradec. Iets verderop zaten twee werkmannen naar ons te kijken, dus zij waren het ideale aanspreekpunt. Met gebrekkig Engels, wat wijzen naar onze kaart en enkele lichaamsbewegingen later begrepen ze ons en hielden ze de juiste bus voor ons tegen.

DSC_0185 DSC_0186

De busrit verliep goed en ’s avonds kwamen we aan. Het was de eerste keer dat de vrouwen er veel opgemaakter en misschien ook verzorgder uitzagen. Ze hadden hippe kleren aan, hun haren waren mooi gelegd en ze droegen een likje make-up. In het noorden en midden Albanië was dat niet echt het geval. Daar was niemand bezig met mode en maakte het uit niet veel uit of je er al dan niet verzorgd bij liep. Maar hier dus wel. Het was best wel fijn om te kijken naar de mensen die op de zeedijk flaneerden. Daar zat ik dan zonder make-up, Teva’s aan en onfrisse kleren (we moesten dringend nog eens een handwas doen). Ahja, wat maakt het ook uit? Als backpacker heb is het toegestaan om onfris met stinkende kleren en mottige schoenen rond te lopen… toch? 😉 De dag nadien lagen we wat te zonnen aan het Ohridmeer. De zon zat echter wel verstopt achter de wolken, maar de strandstoeletjes waren ideaal voor een dutje. Het Ohridmeer zelf was een teleurstelling. Het meer was mooi helder en het werd omgeven door bergen en rotsen, maar het was een meer zoals er zovele zijn. Geen aanrader dus. Nadien namen we de bus naar Korça om zo onze lange rit naar Gjirokastra wat in te perken. Het was een klein gezellig stadje waar het leuk vertoeven was. We merkten wel dat het zuidelijk gedeelte van Albanië toch niet hetzelfde is als het noordelijk deel. Hier in het zuiden zijn de mensen al meer toeristen gewoon. In het noorden was je overal meer dan welkom en was iedereen ontzettend vriendelijk en hulpvaardig. Ze deden moeite om met je te praten en wanneer dat niet lukte, klampten ze gewoon een jongere aan die dan even tolk kon zijn. Ze waren blij met je komst en oprecht geïnteresseerd in je. In het zuiden ben je gewoon één van de vele toeristen. Ik denk dat ze het toerisme hier niet meer zo fijn vinden. Het is ook zo dat als je zuidelijker gaat je meer toeristen tegenkomt. Hier geldt de regel: hoe zuidelijker (vooral aan de Albanese rivièra), hoe meer toeristen. Hoe noordelijker, hoe minder toeristen. Wat wel vaststaat is dat Albanië zich goed voorbereidt op de groei van het toerisme. Het land is nog volop in ontwikkeling, maar overal leggen ze wegen aan, bouwen ze appartementen, enz. Waarschijnlijk zal het over een 5-tal jaar een ware toeristische trekpleister worden. Wij vinden het alleszins erg fijn dat het nu nog niet zo toeristisch is. Vooral bij het nemen van de bus zijn we bijna altijd de enige toeristen. Soms kijken mensen je aan alsof je van een andere planeet komt. Ook de mannen kijken vrouwelijk schoon onbeschaamd na, iets wat in België toch veel subtieler gebeurt, maar hier zie je ook niet veel meisjes samen op terras zitten. Veel mannen hangen rond op de straat, zitten te terrassen of ze (vooral de oudere mannen dan) spelen wat domino in het park. Allemaal leuk om te zien, maar waar zijn de vrouwen op dat moment? (Ik moet wel zeggen dat dit straatbeeld aan de kuststrook minder van toepassing is.) De mannen zijn ook erg sociaal naar elkaar toe. Op bussen, op terras… waar dan ook praten ze met elkaar zonder elkaar te kennen. Op de bus praten ze soms urenlang, enkel een koffietje met een koekje ontbreekt dan nog. Soms lijkt het alsof ze ruzie maken of hevig discussiëren, maar dat is niet zo. Op zulke momenten zou ik zo graag Albanees willen verstaan om stiekem mee te luisteren.

DSC_0207 DSC_0212 DSC_0223 DSC_0233

Advertenties

Dag 8: Berat

Mmmmmm, we konden eens heerlijk uitslapen. No stress, geen trekzakken die we weer moesten inpakken, geen wekkers die je in de vroege ochtendgloren wekken, geen stinkende bussen zonder airco…. ZALIG! Soms steekt het wel eens tegen om dagelijks de rugzak te moeten maken. We genoten er enorm van om eens lang(er) te slapen. Het is best wel vermoeiend om dagelijks van stad naar stad te hoppen. Het openbaar vervoer hier in Albanië rijdt vrij vroeg in de ochtend, meestal zo rond een uur of 6 à 7 en afhankelijk van de plaats waar je naartoe wil heb je soms maar één bus. De grote bussen zijn de goedkoopste, maar je hebt ook minibussen die iets frequenter in de ochtend rijden. We stonden op ons gemak op en namen de bus richting la kantina Cobo waar we wijn gingen proeven. Oorspronkelijk gingen we naar een andere plek, maar de ober van het restaurant waar we de dag voordien aten beval ons dit aan. We kwamen aan op de het landgoed en een oude man verwelkomde ons. We kregen van zijn zoon een korte rondleiding en nadien mochten we vier wijnen proeven met bijhorende kazen, olijfjes en warme stukje brood met olijfolie. Het smaakte ons. We hebben een flesje wijn gekocht en gingen dan weer naar Berat om ’s middags even te bekomen van de wijn. ’s Avonds wisten we niet goed meer wat gedaan en besloten we om ons verblijf van 3 dagen te herleiden naar 2. We bezochten nog snel het kasteel dat super mooi en groot was. Er bevindt zich nog steeds een dorpje binnen de kasteelmuren. Dat maakte het geheel af. Na een korte en misschien wat te gehaaste bezichtiging, fristen we ons snel op in het hotel. Nadien gingen we dineren met Maarten en Jolien. Het koppel dat we ontmoetten op de bus naar Tethi. Het was een gezellige avond die zo voldaan afgesloten werd.

DSC_0053

DSC_0042

Dag 6: Valbona – Bajram Curri – Fierza – Shkodra + dag 7: Shkodra – Tirana – Berat

Dag 6: Valbona – Bajram Curri – Fierza – Shkodra

Vroeg opstaan is geen uitzondering meer. Om 7u staan we paraat aan ons hotel om de bus te nemen. De bus reed enkel naar Bajram Curri, maar voor ons was dat ideaal, want daar konden we eindelijk geld afhalen. Toen we op de bus zaten bleek dat we eigenlijk niet in Valbona overnachtten, want die vallei bereikten we pas een uurtje later. Achja, we waren veel te moe om nog een uur verder te wandelen tijdens de trekking, dus erg vonden we dat niet. Onderweg werd de jongen naast mij ziek en moest hij overgeven. Toen hij eindelijk verlost werd van zijn misselijkmakende rit had hij mij al voor een deel besmeurd. Ik werd er zelf bijna misselijk van. In Bajram Curri moesten we anderhalf uur wachten op de bus naar Fierza en daar moesten we nog eens 3 uur wachten. Nadien namen we de boot om het Komanimeer te bezichtigen. Het meer was bijzonder mooi, met een waaier aan kleuren van smaragdgroen naar helderblauw. We stopten even voor een frisse duik en op de boot zelf werden we verwend met pannenkoekjes, mmm! Eenmaal in Komani aangekomen, namen we de bus naar Shkodra.

DSC_0528 DSC_0645

DSC_0681

Dag 7: Shkodra – Tirana – Berat

Deze dag hebben we niet veel gedaan. We namen vooral veel bussen waar we redelijk lang op zaten. Op de laatste bus van Tirana naar Berat had Bruno een heimelijke aanbidster. Alhoewel ik het woord heimelijk beter laat vallen. Het 10-jarige meisje week geen minuut van zijn zijde. Ze leek elk minuut op zijn schoot te willen kruipen, want ze stond letterlijk helemaal naast en tegen hem. Je zou kunnen denken dat de bus misschien zo vol zat dat er nergens plaats was, maar er waren overal vrije zitjes, dus dat kon geen reden zijn. Ik was niet echt in een sociale bui, dus ik deed maar alsof ik sliep. Het meisje leerde Engels op school en ze vond het waarschijnlijk heel leuk om haar opgedane kennis eens toe te passen. Bruno mocht het slachtoffer zijn. Ik moet toegeven dat ze het best wel goed kon. Toen ze ons vroeg waar we gingen slapen vertelden we dat we het nog niet wisten, want het laatste wat we wilden was dat ze met haar mama naar hetzelfde hotel ging. Ze somde dan maar zelf enkele hotels op en voor we het wisten had een andere meneer al geregeld dat de bus op de juiste plek voor ons zou stoppen. Het meisje stelde dan ook nog voor om haar mama met ons te laten meegaan naar het hotel, zodat we het zeker zouden vinden. Haar mama sprak, net zoals de meeste Albanezen, geen Engels. Via lichaamstaal en heel wat onverstaanbare woorden, leidde ze ons naar het hotel. Eén klein probleempje: de mama wist het hotel eigenlijk helemaal niet zijn en omdat we bijna geen woord van het Albanees snappen liepen we maar als twee dwaze kippen achter haar aan door doodlopende steegjes. Toen er twee mannen ons zagen sukkelen, namen zij ons mee naar een ander hotel. We kwamen in het hotel Belgrat in de wijk Mangelem terecht. We betaalden er iets meer dan gebruikelijk (€30), maar genoten van een mooie nette kamer. We moesten wel nog wat wachten tot de kamer helemaal in orde was gebracht en in tussentijd werden we getrakteerd op onze allereerste Albanese raki en een dessertje. De raki was nogal straf en niet echt m’n ding, maar het dessertje was lekker. De dochter van de eigenaars had ongeveer mijn  leeftijd en ze studeerde in Turkije voor architect. In Albanië wilde ze niet verder studeren, omdat het niveau van zowel de secundaire scholen als van de hogescholen en universiteiten niet zo hoog ligt. Bovendien verloopt alles ook zo oneerlijk als het maar kan. Om toegelaten te worden en om in aanmerking te komen voor een beurs moet je een toelatingsexamen afleggen. Omdat het meisje echt wel verstandig is, werd zij het ideale middel om de zwakkere kandidaten te helpen… Willen of niet.
Na onze eerste kennismaking met de eigenaars van het hotel maakten we een verkennende wandeling in de stad. We liepen voorbij de Osumirivier die bijna helemaal uitgedroogd was en we vonden een klein katje in het aangrenzende gras. Ik werd er helemaal door vertederd, nam het vast en aaide het wat. We konden het katje, jammer genoeg, niet meenemen, dus ik liet het maar achter in het gras. Enkele jongens voetbalden een eindje verderop en enkelingen hadden het schattige wezentje opgemerkt. Ze gingen er niet al te zachtaardig mee om. Ik had zoveel zin om er naartoe te gaan en om ze eens stevig vast te grijpen, maar we stonden vrij machteloos. Het was echt niet leuk om met die gedachte verder te wandelen. Zelfs nu moet ik nog aan het arme katje denken.
We bezochten nadien het toeristisch bureau, want in onze gids stond vermeld dat we in Berat konden kajakken. Door het mooie zonnige weer, was er te weinig water in de rivier. Kajakken was geen optie meer. We gingen dan maar lekker eten in een nabijgelegen restaurant waar geen elektriciteit was, want de hele stad lag al enkele uren plat. We dronken een flesje wijn en wachtten geduldig op de elektriciteit die maar niet bleek te komen. Uiteindelijk vond de bediening een oplossing en konden we bij kaarslicht toch nog onze hongerige magen stillen.

 

Dag 3: Shkodra

In Shkodra checkten we na een korte zoektocht  in hotel Rozafa in. De vrouw aan de receptie maakte onze enorm bang door te zeggen dat de kamers echt niet optimaal waren. Met een klein hartje bekeken we één van de kamers die in tegenstelling tot wat de vrouw zei er wel goed uitzag. Nuja, goed… We hadden een net bed en een douche, na de twee voorgaande nachten was dit meer dan voldoende.  
We fristen ons op (záááálig), herschikten onze trek- en rugzak en gingen lunchen. Toen we een man aanspraken voor wat praktische informatie over de Mesibrug en het Kirimeer wist hij ons te vertellen dat het meer helemaal uitgedroogd was door het warme weer. We besloten dan fietsen te huren om zo naar het Rozafakasteel te gaan. Dat bleek een goede keuze te zijn. Het fietsen was wat moeilijk, vooral voor Bruno, want zijn remmen werkten niet. Ik had een torpedofiets gekregen. In mijn studententijd moest ik Gent doorkruisen met zo’n  fiets, dus ik kon eindelijk mijn pedalokunsten, die ik nog niet verleerd was, nog eens bovenhalen. Het kasteel lag vrij hoog, waardoor we niet helemaal boven geraakten met onze fiets. Te voet lukte het wel, maar we hadden beter voor degelijk schoeisel gekozen i.p.v. slippers. Het kasteel zelf was meer dan de moeite waard en je had bovendien ook schitterende uitzichten op de stad.
Na het Rozafakasteel fietsten we naar de Bunarivier waar we ons aan een duikje waagden. We dobberden er wat rond, lieten ons meevoeren met de stroom en genoten van de verfrissing. Nadien brachten we onze fietsen terug en gingen we eten. Zoals gewoonlijk had ik weer het minst lekkere gerecht gekozen in vergelijking met Bruno. Ik weet niet hoe het komt, maar hij blijkt altijd de lekkerste dingen op de kaart te vinden. We deelden onze maaltijden en gingen daarna slapen want het ging vroeg ochtend worden.

Dag 2: Tirana verkennen

Om 8.00 uur ging Dardan zijn wekker af. Hij sprong opgewekt uit bed en wij moesten ons bijgevolg ook uit het bed slepen. Zijn zus die ook in dezelfde kamer sliep (wel afgescheiden d.m.v.  een doorschijnend gordijn) was die ochtend al opgestaan om 6.00 uur omdat ze elke dag 7/7 moet gaan werken in een kledingfabriek. Doordat ze ons ook regelmatig passeerde waren we dus al wakker.

Ons douchen was niet mogelijk, omdat er geen beschikbaar water was en omdat Dardan simpelweg geen douche of iets soortgelijks heeft. Het gaf ons een vervelend gevoel. We wilden ons verfrissen na de vlucht en de nacht in het miezerige bed. Jammer, maar helaas… We trokken onze kleren aan, fristen ons wat op met een vochtig doekje dat we op het vliegtuig hadden gekregen en trokken naar het centrum. Bruno had het heel wat minder moeilijk met de barre omstandigheden waarin we verbleven. Natuurlijk was hij ook niet zo enthousiast, maar hij kon alles wel goed plaatsen. We zagen zo ook de leefomstandigheden van sommige inwoners in het land. Het is gek om te zien hoe bescheiden en armtierig het kan zijn.  Het doet je wel beseffen hoe goed je het hebt in België.

Toen we in het centrum waren, gingen we eerst naar Kruja. We aten er als ontbijt een byrek; een driehoekig bladerdeegbroodje met kaas in, super lekker! De man van het bakkerijtje was ontzettend vriendelijk. Via Dardan konden we met hem in gesprek gaan en nadat we even met hem hadden gebabbeld kregen we van hem elk nog twee gratis dessertjes om op te eten. Na ons heerlijke ontbijt bezochten we een kasteel  dat ontworpen was door de dochter van de vroegere communistische leider Enver Hoxha. In het kasteel he bje het historisch museum dat ons heel wat informatie geeft over de geschiedenis van Albanië. Dardan gaf ons vol overgave ontzettend veel uitleg over alles wat we in het museum vonden, tot artisanale potjes  en werktuigen toe. Bruno en ik houden niet zo van musea, dus na een tijdje hadden we het museum en Dardans uitleg wel wat gehad.

Na het museum dronken een frisse cola op een terras en nadien namen we de bus terug naar Tirana. Ik had in verschillende verslagen gelezen dat we zeker de kabellift naar de Dajtiberg moesten nemen. Onze host was er niet echt voor te vinden, maar omdat hij niet werkt en anders toch maar zijn dagen thuis slijt met tv kijken, naar het internetcafé gaan en armbandjes maken ging hij toch mee. Met de kabellift stonden we 20 minuten later op de berg. Veel kon je er niet doen, maar er stond wel een fontein waar Bruno en ik meteen onze voeten in wasten. Dardan was er geen voorstander van, maar zo voelden we ons toch wat frisser en hadden we toch het gevoel dat we een beetje gewassen waren. We liepen wat rond op de berg, gingen wat in de wei liggen en bekeken enkele eenmansbunkers die je overal in het land terugvindt. De bunkers zijn er gekomen doordat Enver Hoxa zijn land wilde beschermen tegen invasies. Vroeger in de jaren ’70 lagen er ongeveer honderdduizend bunkers verspreid over het land, maar tegenwoordig worden ze steeds vaker vernietigd. De oudere bevolking draagt soms wel nog de communistische ster, maar de meeste inwoners zijn heel blij dat het communisme in hun land gevallen is. Dat is ook de reden waarom Albanië nu pas een toeristische bestemming begint te worden.

Na de kabellift gingen we nog even kijken naar het standbeeld van Skanderbeg op de markt van Tirana. Skanderbeg was de nationale held van Albanië. Daarna dronken we een cocktail in de skytower (gelegen in de populaire wijk Blloku) en nadien aten we een specialiteit van Albanië in een Italiaans restaurant. Het was al redelijk laat en vanuit Blloku moesten we nog een uur terugwandelen naar Dardans verblijf. Bruno en ik hadden echt geen zin meer om er nog een nacht door te brengen, maar omdat we geen goed en respectvol excuus konden vinden om het niet te doen, deden we het toch maar. Die nacht sliep ik enorm slecht. Ik hoorde constant lawaai en ik had super veel schrik dat enkele omstanders ons hadden gespot en ons wilden beroven. Bovendien was het ook super warm en durfde ik mijn hoofd niet nestelen in het hoofdkussen omdat ik het echt maar vies vond (note to myself: volgende keer eigen bedlinnen meenemen). Toen er plots een man in het midden van de nacht naar het toilet ging vond ik alles nog veel vreemder. Ik deed dan maar alsof ik sliep en bedacht in mezelf dat wanneer we beroofd zouden worden, ik maar beter deed alsof ik het niet door had. Bruno, het arme schaap, werd dan ook steeds wakker gemaakt door mijn inbrekersangst. Ik hoorde de hele nacht overal lawaai en ’s morgens moest Dardans zus weer de hele tijd passeren, waardoor we beslisten om op te staan omdat we toch niet meer konden slapen en echt hunkerden naar een mooiere kamer en een douche. We maakten snel onze trekzak en wandelden naar het centrum waar we de bus naar Shkodra namen.  We waren blij en opgelucht dat we onze couchsurfingevaring achter ons konden laten. Onze host was een vriendelijke oprechte kerel, maar de omstandigheden lieten het niet toe om van de ervaring te genieten. We steunen hem in zijn fanta(sie)stische droom om de Albanese vlag met armbandjes te maken. Werken wil hij niet doen, maar om die droom te verwezenlijken ziet hij het wel zitten om zijn dagdagelijkse leventjes eventjes om te ruilen voor het werkersbestaan.

Dag 1: Aankomst in Tirana

Yes, eindelijk was het zover, vol goede moed trokken we richting Zaventem om onze vlucht naar Tirana te nemen. We hadden tijdens onze tussenstop in Rome wat vertraging, maar verder verliep alles perfect.

Toen we aankwamen in de super kleine luchthaven Maria Theresa, haalden we meteen onze leks af en namen we de taxi naar de markt van Tirana. Aan de Opera Palace stond onze host, Dardan, ons op te wachten. De eerste kennismaking verliep vlot en na een half uurtje wandelen kwamen we aan bij Dardan. We waren moe van de vlucht en het wandelen met onze zware bagage deed er niet veel goed aan. We kwamen aan op een soort ingesloten doodlopend wijkje  waar alle huizen wel oké waren, op ééntje na. Dardan zei meteen: “Hier woon ik” en hij wees naar de vervallen constructie. Ik dacht dat hij een grapje maakte en ik wilde nog lacherig antwoorden: “Doe ons dat niet aan!” Maar algauw stonden we aan het “huis” en wist ik dat het menens was. De buitenkant bestond uit houten paletten en daar ergens tussenin hing er een deurtje. Hij kroop ergens achter het hout om dan de deur voor ons te openen. We kwamen op een klein “koertje” dat je eigenlijk zelfs niet eens een koertje kan noemen. Ik moest me inhouden om niet te laten blijken dat ik echt enorm schrok van de plaats waar we terechtkwamen. Eenmaal in het huis had ik zoveel spijt van het feit dat ik ervoor gekozen had om te couchsurfen. Ik moest enorm hard m’n best doen om enthousiast te blijven. De plaats waar we verbleven had niet eens een voordeur. Iedereen kon zomaar binnen komen. Achter een doorzichtig gordijn stonden 3 bedden en daarnaast nog eens een stapelbed waar onze host zijn zus al lag te slapen. Ik had nog niet door dat het bedje naast het tweepersoonsbed Dardan zijn slaapplek was. Het bed zag er niet proper uit en we moesten de kamer dan ook nog eens delen met onze host en zijn zus. Vreselijk…
Naar het toilet gaan lukte nog net, maar doorspoelen was niet mogelijk, daar moesten we een emmer met water voor gebruiken. Het toiletpapier bestond uit servetten die hij waarschijnlijk zo nu en dan eens uit een bar meesmokkelt. Tanden poetsen was moeilijk, want de watervoorziening werkt er niet altijd, waardoor er vaak een gebrek aan water is in zijn nederige woonplaats. We gebruikten dan maar wat flessenwater van onszelf. Na onze eerste schok gingen we meteen slapen. Doordat we zo moe waren vielen we als een blok in slaap.

 

 

Door het land der Skipetaren

De vakantie is er weer en de vakantieplannen werden weer volop gesmeed.
Aangezien ik dit jaar iets budgetvriendelijk wilde reizen, werden verre reisbestemmingen uitgesloten. Ik wilde ergens heen waar het lekker zonnig is, waar veel authenticiteit heerst en waar ik kon genieten van zowel heerlijke zonovergoten stranden als van mooie besneeuwde bergtoppen en wat cultuur.

Na wat keuvelen en zoeken kwamen Bruno en ik tot het idee dat Albanië misschien wel de reisbestemming kon worden.
We grasduinden wat op internet, bezochten de reismarkt, praatten met reizigers die er geweest waren en besloten vrij snel om ons ticketje richting Albanië te boeken.

Zo gezegd, zo gedaan… Morgen vertrekken we met veel enthousiasme en enorm veel nieuwsgierigheid naar het tot nu toe nog vrij onbekende land.
Aangezien we niet veel informatie en reisgidsden konden raadplegen, hebben we geen concrete route uitgestippeld. Maar aangezien ik toch graag wat weet hoe we onze dagen zullen invullen en omdat we toch in grote lijnen moeten weten waar en wat we gaan doen, wordt de volgende planning onze leidraad. We kunnen misschien wel nog van onze planning afwijken om even naar Kosovo te gaan. Praktisch alle verplaatsingen zullen via het openbaar vervoer gebeuren.

Zaterdag 19/07:                Aankomst in Tirana om 23.00 uur.
We zullen overnachten bij een plaatselijke host via couchsurfing.

Zondag 20/07:                 Daguitstapje van Tirana naar Korca en verkennen van de
hoofdstad.

Maandag 21/07:              Tirana ==> Shkodra
Bezoek aan het kasteel van Rozafa en aan de Kiririvier.

Rozafa castle 2

 

Dinsdag 22/07:               Shkodra ==> Tethi

Thethi2

Woensdag 23/07:           Te voet van Thethi naar Valbona
8 uur durende trekking naar Valbona.

Thethi

Donderdag 24/07:           Valbona naar het Komanimeer in Bajram Curri

komani river

 

Vrijdag 25/07:                 Bajram Curri naar Korca

Zaterdag 26/07:              Korca naar Prespameer of naar Ohrid (in Macedonië)

Zondag 27/07:                Korca naar Voskopoja of Ohrid naar Voskopoja

Maandag 28/07:             Voskopja naar Berat

Dinsdag 29/07:               Berat
Unesco werelderfgoed bezoeken + rafting of riverwalk.

Berat

Woensdag 30/07:           Berat naar Permet; bergwandeling maken

Donderdag 31/07:           Permet naar Gjirokastra
Blue eye national park bezichtigen.

Vrijdag 01/08:                  Gjirokastra naar Saranda
Zonnen, fuiven en lui zijn.

Saranda

Zaterdag 02/08:              Saranda naar Qeparo, Himara, of Dhërmi
Uitrustdagje

Qeparo

Zondag 03/08:                 Snipperdag

Maandag 04/08:              Snipperdag

Dinsdag 05/08:               Tirana

Woensdag 06/08:           Terugkomst

Natuurlijk zegt de opsomming en de lauwe omschrijving je maar weinig, maar nadien krijg je een uitgebreid verslag over wat we overal deden en hoe alles verliep.

Ik heb er zin in!
Midfrupafshim!

albanie